De Belgische rulingdienst (De Dienst Voorafgaande Beslissingen) heeft een situatie met een Curaçaose Stichting Particulier Fonds voorgelegd gekregen. De situatie was als volgt.
Een moeder schenkt vermogen aan een Stichting Particulier Fonds (SPF). Over deze schenking wordt tegen het derdentarief (7%) registratierecht betaald. Na verloop van een aantal jaren is de SPF overgegaan tot een uitkering van vermogen, waarbij het bloot eigendom is uitgekeerd aan de dochter en het vruchtgebruik aan de moeder. Niet lang na deze schenking komt moeder te overlijden.
De vraag was met name of de verkrijging vanuit de SPF op één of andere manier in de aangifte recht van successie (vanwege het overlijden van de moeder) opgenomen moest worden. Leidden deze feiten tot een fictieve verkrijging die belastbaar is met Vlaams successierecht?
In haar beslissing komt de Dienst Voorafgaande Beslissingen tot de conclusie dat geen successierecht verschuldigd is. De SPF wordt als juridische entiteit erkend en de handelingen die de SPF heeft verricht waren autonoom genomen en in overeenstemming met haar statuten. Van een zogenoemd derdenbeding was geen sprake en daarom bleef de uitkering uit de SPF onbelast.
Ruling van de Dienst Voorafgaande Beslissingen
hits=2= / id=1465=